Brugklas

Het Maerlant heeft brugklassen voor havo/atheneum en voor gymnasium. Alle leerlingen krijgen vanaf de brugklas extra Engels. Dat heet versterkt taalonderwijs (vto). In dit kader speelt het Maerlant ook in op de verdere internationalisering van de samenleving. Leerlingen krijgen regelmatig les van Engelstalige gastsprekers uit het bedrijfsleven of ze gaan zelf op excursie bij internationals of internationale organisaties.
Reeds in de brugklas gymnasium wordt Latijn en Grieks gegeven. Daarmee biedt het Maerlant een volwaardige gymnasiumopleiding.
In de naaste toekomst leveren de sectoren Techniek, Technologie en ICT de meeste banen op. Het Maerlant besteedt daarom veel aandacht aan bètaonderwijs en neemt deel aan landelijke bètaprojecten. Deze zijn erop gericht de mogelijkheden met bèta structureel onder de aandacht te brengen van de leerlingen. Dat begint al in de onderbouw. Volgens het platform Bètatechniek is onze school dè bètaschool in de regio Haaglanden.

Leren leren

Het is belangrijk dat de leerlingen zich snel thuis voelen. Bij de samenstelling van de brugklassen houden we daarom rekening met wensen van ouders en leerlingen. Brugklassers krijgen op het Maerlant de tijd om te wennen aan de nieuwe schoolomgeving. Tijdens het brugjaar is onze begeleiding daarop afgestemd. Alle klassen hebben een vaste brugklasmentor. Deze leert de bruggers hoe zij moeten studeren, plannen en huiswerk maken.Tot de herfstvakantie krijgen de kinderen weinig huiswerk, waarmee ze in de klas onder begeleiding van de docent al aan de slag kunnen. Na de herfstvakantie is er dagelijks huiswerk voor alle vakken. De docenten blijven controleren, sturen waar nodig bij en er is eventueel via de mentor contact met de ouders.

Extra begeleiding

Aan het begin van de brugklas wordt de spellingsvaardigheid van de leerlingen getoetst. Aan de hand van dit zogenaamde signaleringsonderzoek wordt vastgesteld of leerlingen een specifiek begeleidingsprogramma nodig hebben (bijvoorbeeld in het geval van dyslexie). In overleg met de ouders wordt de begeleiding groepsgewijs dan wel individueel aangeboden.
Verder kunnen in de tweede helft van het brugjaar ook nog extra steunlessen worden gevolgd. Als deze niet nodig zijn, kunnen de leerlingen deelnemen aan projecten zoals robotica, architectuur, wiskunde-plus of EHBO.

Het Maerlant heeft brugklassen voor havo/atheneum en voor gymnasium. Alle leerlingen krijgen vanaf de brugklas extra Engels. Dat heet versterkt taalonderwijs (vto). In dit kader speelt het Maerlant ook in op de verdere internationalisering van de samenleving. Leerlingen krijgen regelmatig les van Engelstalige gastsprekers uit het bedrijfsleven of ze gaan zelf op excursie bij internationals of internationale organisaties.
Reeds in de brugklas gymnasium wordt Latijn en Grieks gegeven. Daarmee biedt het Maerlant een volwaardige gymnasiumopleiding.
In de naaste toekomst leveren de sectoren Techniek, Technologie en ICT de meeste banen op. Het Maerlant besteedt daarom veel aandacht aan bètaonderwijs en neemt deel aan landelijke bètaprojecten. Deze zijn erop gericht de mogelijkheden met bèta structureel onder de aandacht te brengen van de leerlingen. Dat begint al in de onderbouw. Volgens het platform Bètatechniek is onze school dè bètaschool in de regio Haaglanden.

Leren leren

Het is belangrijk dat de leerlingen zich snel thuis voelen. Bij de samenstelling van de brugklassen houden we daarom rekening met wensen van ouders en leerlingen. Brugklassers krijgen op het Maerlant de tijd om te wennen aan de nieuwe schoolomgeving. Tijdens het brugjaar is onze begeleiding daarop afgestemd. Alle klassen hebben een vaste brugklasmentor. Deze leert de bruggers hoe zij moeten studeren, plannen en huiswerk maken.Tot de herfstvakantie krijgen de kinderen weinig huiswerk, waarmee ze in de klas onder begeleiding van de docent al aan de slag kunnen. Na de herfstvakantie is er dagelijks huiswerk voor alle vakken. De docenten blijven controleren, sturen waar nodig bij en er is eventueel via de mentor contact met de ouders.

Extra begeleiding

Aan het begin van de brugklas wordt de spellingsvaardigheid van de leerlingen getoetst. Aan de hand van dit zogenaamde signaleringsonderzoek wordt vastgesteld of leerlingen een specifiek begeleidingsprogramma nodig hebben (bijvoorbeeld in het geval van dyslexie). In overleg met de ouders wordt de begeleiding groepsgewijs dan wel individueel aangeboden.
Verder kunnen in de tweede helft van het brugjaar ook nog extra steunlessen worden gevolgd. Als deze niet nodig zijn, kunnen de leerlingen deelnemen aan projecten zoals robotica, architectuur, wiskunde-plus of EHBO.

Brugklas